wedstrijd Schaakmat/Winterkoning 1 - Stichting Samenwerkende Schaakverenigingen (SHS) 2

Home / wedstrijd Schaakmat/Winterkoning 1 - Stichting Samenwerkende Schaakverenigingen (SHS) 2

Beslissing van de Commissie van Beroep van de Koninklijke Nederlandse Schaakbond
zaaknummer 0405-1

1.

Inleiding

Bij brief van 22 december 2004 heeft de schaakvereniging Schaakmat beroep aangetekend tegen de beslissing van de jeugdcompetitieleider van de KNSB van 21 december 2004, betreffende de wedstrijd Schaakmat/Winterkoning 1 - Stichting Samenwerkende Schaakverenigingen (SHS) 2, gespeeld op 11 december 2004 in de zesde ronde van de Promotieklasse Noord West van de KNSB-jeugdclubcompetitie. In de partij aan het eerste bord heeft de speler van SHS 2 in de fase van het versneld beëindigen remise geclaimd op grond van artikel 10 lid 2 van de FIDE regels voor het schaakspel. De wedstrijdleider heeft zijn beslissing uitgesteld op grond van artikel 10 lid 2 onder b van de FIDE regels voor het schaakspel en heeft de partij na het vallen van de vlag remise verklaard. Daarbij heeft de wedstrijdleider meegedeeld dat tegen deze beslissing beroep kon worden ingesteld. De jeugdcompetitieleider heeft het protest verworpen op grond van artikel 10 lid 2 onder d van de FIDE regels voor het schaakspel.

Naast de bestreden beslissing van de jeugdcompetitieleider en het beroepschrift heeft de commissie kennis genomen van de volgende stukken:

  • het wedstrijdformulier;
  • een e-mailbericht van mevrouw Erwich van 12 december 2004 met een verslag van het gebeurde;
  • een e-mailbericht van 12 december 2004 namens schaakvereniging Schaakmat waarin protest tegen de beslissing van de wedstrijdleider wordt aangetekend;
  • een niet gedateerde brief van schaakvereniging Schaakmat aan het bondsbureau KNSB, waarmee de motivering van het protest wordt gegeven en winst van de partij wordt geclaimd; in deze brief is de volledige partij opgenomen;
  • een e-mailbericht van de wedstrijdleider van 15 december 2004 met een toelichting op het gebeurde;
  • een e-mailbericht namens SHS van 23 januari 2005 met een reactie op het beroep van schaakvereniging Schaakmat;
  • een e-mailbericht van de wedstrijdleider van 23 januari 2005 waarin deze een nadere toelichting geeft.

2.

Motivering

Bij een remiseclaim tijdens het versneld beëindigen van een partij dient de wedstrijdleider een beslissing over de claim te nemen. Volgens artikel 10 lid 2 onder d van de FIDE regels voor het schaakspel is de beslissing van de wedstrijdleider definitief. Dit betekent dat er geen mogelijkheid van protest of hoger beroep is.

Het feit dat de wedstrijdleider in dit geval (ten onrechte) heeft gezegd dat wel beroep aangetekend kan worden, kan niets veranderen aan de geldende spelregels. De jeugdclubcompetitieleider kon daarom niet anders dan het protest verwerpen.

De commissie merkt op dat het optreden van de wedstrijdleider in deze kwestie hoogst ongelukkig is geweest. Volgens artikel 10 lid 2 onder a van de FIDE regels voor het schaakspel kan de wedstrijdleider de partij remise verklaren als de tegenstander geen poging doet om de partij op een normale wijze te winnen of als het niet mogelijk is de partij op een normale wijze te winnen. In zijn toelichting geeft de wedstrijdleider niet aan dat hij zijn beslissing op één van deze omstandigheden heeft gebaseerd. Verder heeft de wedstrijdleider onjuiste informatie gegeven door te zeggen dat tegen zijn beslissing beroep mogelijk was. Overigens is schaakvereniging Schaakmat hierdoor niet benadeeld, omdat de definitieve beslissing van de wedstrijdleider om de remiseclaim toe te wijzen al gevallen was.

Het beroep wordt derhalve ongegrond verklaard. Omdat het beroep van schaakvereniging Schaakmat is gebaseerd op onjuiste mededelingen van de wedstrijdleider, is de commissie van oordeel dat de cautie dient te worden terugbetaald aan schaakvereniging Schaakmat.

3.

Beslissing

De Commissie van Beroep

  • verklaart het beroep ongegrond;
  • bepaalt dat de cautie dient te worden terugbetaald aan schaakvereniging Schaakmat;
  • besluit hiervan mededeling te doen aan het bestuur van de KNSB.

Aldus vastgesteld op 7 februari 2005 door de heren H. Bartels, R. Bleeker en C. Versteeg, leden van de Commissie van Beroep, en namens de leden van de Commissie van Beroep ondertekend door H. Bartels.