wedstrijd LSG 2 - VAS 1

Home / wedstrijd LSG 2 - VAS 1

Beslissing van de Commissie van Beroep van de Koninklijke Nederlandse Schaakbond
Zaaknummer 0607-1

1.

Inleiding

Op 16 december 2006 is in de eerste klasse van de KNSB de wedstrijd LSG 2 - VAS 1 gespeeld. Uit de stukken komen de volgende feiten naar voren. Ongeveer 40 minuten na aanvang van de wedstrijd kwam de heer T. Timman, speler van VAS, de speelzaal binnen. Hij ging naar zijn bord en deed een zet. Kort hierop klonk er een geluid van enkele seconden van zijn mobiele telefoon, kennelijk veroorzaakt door het uitschakelen van het toestel. De wedstrijdleider heeft de partij op grond van artikel 12.2 onder b van de spelregels verloren verklaard voor de heer T. Timman.

Tegen deze beslissing heeft VAS bezwaar aangetekend bij de competitieleider. In zijn beslissing van 16 januari 2007 heeft de competitieleider het protest afgewezen. Tegen deze beslissing heeft VAS beroep ingesteld bij brief van 26 januari 2007.
Naast genoemde stukken heeft de Commissie van Beroep kennis genomen van (kopieën van) het notatiebiljet, het wedstrijdverslag, een verslag van de wedstrijdleider van 22 december 2006 en een toelichting van de teamleider van LSG 2 van 20 december 2006.


2.


Ontvankelijkheid

Het beroep is tijdig aangetekend en de cautie is betaald, zodat het beroep ontvankelijk is.


3.


Motivering

Het gaat hier om de uitleg en toepassing van de spelregels, in het bijzonder artikel 12.2 onder b. De tekst van dit artikel in de door de FIDE vastgestelde regels, die zijn ingegaan per 1 juli 2005, luidt:

"It is strictly forbidden to bring mobile phones or other electronic means of communication, not authorised by the arbiter, into the playing venue. If a player`s mobile phone rings in the playing venue during play, that player shall lose the game. The score of the opponent shall be determined by the arbiter."

De tekst van de Nederlandse vertaling is:

"Het is ten strengste verboden om mobiele telefoons of andere elektronische communicatiemiddelen zonder toestemming van de arbiter, naar het spelersgebied mee te nemen. Als een mobiele telefoon van een speler tijdens de partij in het spelersgebied afgaat, dan verliest die speler de partij. Het resultaat van de tegenstander wordt door de arbiter vastgesteld."

Verder staat in het competitieboekje:

"Het FIDE reglement zegt dat mobiele telefoons niet meegenomen mogen worden naar de speelzaal, tenzij de arbiter dit toestaat. De KNSB verleent voor wedstrijden van de competitie dispensatie voor het bij zich hebben van mobiele telefoons. Het spreekt voor zich dat de telefoons uit moeten staan."

De bedoeling van deze regels is, naar het oordeel van de commissie, dat een speler ervoor verantwoordelijk is ofwel geen mobiele telefoon bij zich te hebben ofwel, met de dispensatie van de KNSB, geen ingeschakelde telefoon bij zich te hebben en in ieder geval te zorgen dat de telefoon geen geluid maakt.

Hierbij merkt de Commissie op dat het begrip 'afgaan' niet helemaal duidelijk is en tot verwarring kan leiden. Dit wordt meestal opgevat als een signaal van een binnenkomende oproep of bericht, maar men kan het ook zien als het maken van enig geluid.

De wedstrijdleider heeft het geluid, dat voor hem en anderen duidelijk hoorbaar was, beschouwd als het afgaan van een telefoon. Dit oordeel is een feitelijke beslissing die door de wedstrijdleider ter plaatse wordt genomen.

Naar de mening van de Commissie heeft de wedstrijdleider in dit geval in redelijkheid tot de beslissing kunnen komen dat de telefoon is afgegaan en dat de partij van de heer T. Timman daarmee verloren diende te worden verklaard. Het geluid was duidelijk hoorbaar voor de aanwezigen en daarmee storend. Bij het horen van het geluid was ook niet vast te stellen of dit werd veroorzaakt door een binnenkomende oproep of bericht of door iets anders. Verder staat vast dat de heer T. Timman met een ingeschakelde telefoon in de speelzaal aanwezig was en daarmee in strijd met de regels heeft gehandeld.

Hieraan kan niet afdoen dat de handelwijze van de heer T. Timman heel begrijpelijk was en hij niet de bewuste bedoeling heeft gehad de regels te overtreden. De Commissie kan zich voorstellen dat de sanctie gelet op de omstandigheden als zwaar overkomt, maar de sanctie is nu eenmaal in de regels vastgelegd, ligt binnen het scala van de mogelijkheden van de wedstrijdleider en is gebaseerd op diens beslissing dat de telefoon is afgegaan. Hiermee staat dit laatste vast en kan deze beslissing in latere instantie niet meer worden gewijzigd.

De competitieleider heeft het bezwaar daarom terecht afgewezen.

In de omstandigheden van deze zaak is er aanleiding om de cautie aan VAS terug te geven.


4.


Beslissing

De Commissie van Beroep

  • wijst het beroep af;
  • bepaalt dat de cautie dient te worden terugbetaald aan VAS;
  • besluit hiervan mededeling te doen aan het bestuur van de KNSB.

Aldus vastgesteld op 6 maart 2007 door de heren H.A. Bartels, Th.M.M. van Beekum en E.M.M. Roosendaal, leden van de Commissie van Beroep en namens de leden van de Commissie van Beroep ondertekend door H.A. Bartels.