wedstrijd DSC Drachten - Dion Hardenberg 2

Home / wedstrijd DSC Drachten - Dion Hardenberg 2

Beslissing van de Commissie van Beroep van de Koninklijke Nederlandse Schaakbond
Zaaknummer 0708-4

1.

Inleiding

 

Op 24 november 2007 is in de klasse 3B van de KNSB de wedstrijd DSC Drachten - Dion Hardenberg 2 gespeeld. Uit de stukken komt naar voren dat in de partij aan het eerste bord op een bepaald moment de vlag van de speler van DSC Drachten is gevallen. Op het moment van het vallen van de vlag zouden er volgens het notatieformulier van de speler van Dion Hardenberg nog geen 40 zetten zijn gedaan en voltooid. De partij is voortgezet en na een aantal zetten zijn de spelers remise overeengekomen en deze uitslag is op het wedstrijdformulier vermeld. Dion Hardenberg heeft op 26 november 2007 protest aangetekend, met later nog nadere toelichting, en gesteld dat de partij voor Dion Hardenberg gewonnen moet worden verklaard wegens tijdsoverschrijding door de speler van DSC Drachten. De wedstrijdleider heeft verslag gedaan van het gebeurde evenals de teamleider, tevens eerste bord-speler, van DSC Drachten.
Op 6 december 2007 heeft de competitieleider het protest afgewezen. Op 19 december 2007 heeft Dion Hardenberg beroep aangetekend bij de Commissie van Beroep tegen de beslissing van de competitieleider. Op 7 januari 2008 heeft de Commissie van Beroep aan zowel Dion hardenberg als DSC Drachten gevraagd een kopie van het notatieformulier op te sturen en desgewenst nadere toelichting of reactie te geven. Beide clubs hebben laten weten niet meer over het notatieformulier te beschikken.

2.

Ontvankelijkheid

 

Het beroep is tijdig aangetekend en de cautie is betaald, zodat het beroep ontvankelijk is.

3.

Motivering

 

De situatie waarom het hier gaat is de volgende: een speler is in tijdnood, heeft geen bijgewerkte notatie, doet een zet waarna zijn vlag valt (kennelijk voordat hij de klok heeft kunnen indrukken). Volgens het notatieformulier van de andere speler is de uitgevoerde zet de 40e zet. De wedstrijdleider is aanwezig en constateert dat de vlag is gevallen.

In deze situatie dient de wedstrijdleider vast te stellen of het vereiste aantal zetten is gedaan, ongeacht of een speler tijdsoverschrijding claimt. Volgens artikel 8.5 onder b van de FIDE Regels voor het Schaakspel had de speler van DSC Drachten zijn notatieformulier direct na het vallen van de vlag moeten bijwerken. Daarmee had kunnen en moeten worden vastgesteld of het notatieformulier van de speler van Dion Hardenberg helemaal correct was en daarmee of het vereiste aantal zetten binnen de vastgestelde tijd was gedaan. De wedstrijdleider had dit moeten afdwingen en niet mogen toestaan dat er verder werd gespeeld. Door zulks na te laten heeft de wedstrijdleider een grote fout gemaakt.

Nu de partij in dit geval toch is voortgezet, is er een situatie ontstaan die min of meer vergelijkbaar is met artikel 8.6 van de FIDE Regels van het Schaakspel: als kennelijk niet geheel duidelijk is of het vereiste aantal zetten binnen de vastgestelde tijd is gedaan, wordt er verder gespeeld.

De stelling van Dion Hardenberg dat de speler van DSC Drachten het vereiste aantal zetten niet binnen de vastgestelde tijd heeft gedaan, wordt niet onderbouwd met het notatieformulier. De Commissie van Beroep wijst het beroep daarom af.

In de omstandigheden van deze zaak is er aanleiding om de cautie aan Dion Hardenberg terug te geven, omdat Dion Hardenberg in feite wel terecht heeft aangegeven dat het optreden van de wedstrijdleider niet correct is geweest.

4.

Beslissing

 

De Commissie van Beroep

  • wijst het beroep af;
  • spreekt zijn afkeuring uit over het gedrag van de wedstrijdleider;
  • bepaalt dat de cautie dient te worden terugbetaald aan Dion Hardenberg;
  • besluit hiervan mededeling te doen aan het bestuur van de KNSB.

Aldus vastgesteld op 25 februari 2008 door de heren H.A. Bartels, Th.M.M. Van Beekum en B. Plomp, leden van de Commissie van Beroep, en namens de leden van de Commissie van Beroep ondertekend door H.A. Bartels