wedstrijd Unitas 2 – Utrecht 2

Home / wedstrijd Unitas 2 – Utrecht 2

Zaaknummer 1112-2

 

Beslissing van de Commissie van Beroep van de Koninklijke Nederlandse Schaakbond

 

1.    Inleiding

Bij e-mail van 13 december 2011 met bijlagen heeft de secretaris van de schaakclub Utrecht beroep aangetekend tegen de beslissing van de competitieleider van de KNSB, verzonden op 30 november 2011, betreffende de wedstrijd Unitas 2 - Utrecht 2 in de tweede klasse A van de KNSB-competitie. Eén van de spelers van Utrecht 2, Michiel Blok, was meer dan een uur na het aanvangstijdstip van de wedstrijd verschenen en zijn partij aan bord 2 tegen Evie Warmelink werd verloren verklaard.  Utrecht 2 heeft een beroep gedaan op overmacht ten aanzien van het te laat komen van Michiel Blok. In zijn beslissing heeft de competitieleider het beroep op overmacht verworpen.

Naast de bestreden beslissing van de competitieleider en het beroepschrift heeft de Commissie van Beroep kennis genomen van de volgende stukken:

  • het wedstrijdformulier betreffende de op 26 november 2011 gespeelde wedstrijd, waaruit blijkt   van het bezwaar van Utrecht 2 ten aanzien van bord 6;
  • een wedstrijdverslag van de wedstrijdleider Simon Prins;
  • een op 27 november 2011 om 19.45 uur verzonden e-mail van Evert de Graaf met daarbij gevoegd een op 27 november 2011 om 15.47 uur verzonden e-mail van Andre Bouwmeester;
  • een op 27 november 2011 om 0.50 uur verzonden e-mail van Willem Schepers.

 

2.     Het beroep

Utrecht 2 stelt het volgende. Michiel Blok heeft de trein genomen die om 10.10 uur uit Arnhem moest vertrekken. Die trein vertrok met circa 10 minuten vertraging. In Deventer heeft de trein lange tijd stilgestaan. Op een gegeven moment werd er omgeroepen dat vanwege een ongeval geen treinverkeer mogelijk was tussen Deventer en Zwolle. Een NS-medewerker heeft Blok aanbevolen via Amersfoort naar Groningen te reizen. Blok is vervolgens met de trein naar Amersfoort gereisd. Vanuit Amersfoort heeft hij de trein naar Groningen genomen. Vanuit het station Groningen heeft hij een taxi genomen naar de speelzaal.  Blok heeft intussen telefonisch contact onderhouden met zijn teamleider. Bij aanvang van de wedstrijd heeft de teamleider van Utrecht 2 aan de wedstrijdleider meegedeeld waarom Blok te laat  zou arriveren.

 

3.      Motivering

Uitgangspunt is uiteraard het vastgestelde begintijdstip van de wedstrijd. In beginsel dient op dit tijdstip ieder team en iedere afzonderlijke speler aanwezig te zijn en worden de klokken dan in werking gesteld. Alleen in uitzonderingssituaties kan er sprake zijn van overmacht.

Zoals de Commissie van Beroep eerder heeft overwogen, komt aan de competitieleider een zekere beoordelingsvrijheid toe als het gaat om beslissingen over zaken die niet exact in de reglementen zijn geregeld, zoals de onderhavige. De Commissie van Beroep zal daarom toetsen of de competitieleider in redelijkheid tot zijn beslissing heeft kunnen komen.

Voor een beroep op overmacht wanneer een speler te laat is gekomen, moet aan enkele voorwaarden zijn voldaan. De speler moet tijdig zijn vertrokken, gelet op de omstandigheden die hem bekend waren of bekend konden zijn vóór zijn vertrek. Voorts is vereist dat het te laat komen is veroorzaakt door omstandigheden waaraan hij niets kan doen en die niet in zijn risicosfeer liggen. Tenslotte is van belang dat de speler al het mogelijke doet om zo snel mogelijk bij het speellokaal te komen en contact te zoeken met de wedstrijdleider of de thuisclub.

Utrecht stelt dat Blok de trein heeft genomen die om 10.10 uur uit Arnhem moest vertrekken.  Verder heeft Utrecht een dagverslag over 26 november 2011 van ProRail overgelegd, waaruit blijkt dat een trein zonder reizigers van NS om 11.20 uur een auto aanreed op een onbeveiligde overweg in Olst, waarbij beide inzittenden van de auto bij dit ongeval om het leven kwamen, en dat er tussen Deventer en Olst vanaf dat tijdstip geen treinverkeer mogelijk was. Volgens de Reisplanner van de NS zou de trein die op 26 november 2011 om 10.10 uur uit Arnhem moest vertrekken, als die trein geen vertraging zou hebben, echter reeds om 11.13 uur in Zwolle hebben moeten arriveren, dat wil zeggen voordat het ongeval bij Olst volgens ProRail zou hebben plaatsgevonden.

In beginsel ligt het op de weg van degene die zich op overmacht beroept, om de omstandigheden die aan dit beroep op overmacht ten grondslag liggen, aannemelijk te maken. Omdat de competitieleider blijkens zijn beslissing van NS informatie heeft gekregen dat het spoorongeval iets na 9.00 uur zou hebben plaatsgevonden, en volgens het dagverslag van ProRail om 11.20 uur en er dus geen volledige duidelijkheid is over het tijdstip van het ongeval, heeft de Commissie van Beroep besloten zelf schriftelijke informatie bij NS Klantenservice op te vragen of de trein die om 10.10 uur uit Arnhem moest vertrekken,  Zwolle heeft bereikt.

NS Klantenservice heeft de Commissie van Beroep schriftelijk meegedeeld, dat de trein 3628, die op 26 november 2011 om 10.10 uit Arnhem naar Zwolle vertrok, in de administratie van NS niet geregistreerd staat als zijnde vertraagd en dat de treinen die hierop volgden grote vertraging hebben ondervonden als gevolg van een aanrijding.

Dit betekent dat Utrecht, die stelt dat Blok de trein heeft genomen die om 10.10 uur uit Arnhem moest vertrekken, overmacht niet aannemelijk heeft gemaakt. De Commissie van Beroep zal dan ook het beroep van Utrecht ongegrond verklaren.

 

4. De cautie

De commissie van Beroep vindt reden om 50% van het in art. 3.2 bedoelde bedrag aan Utrecht te laten terugbetalen.

 

5. De beslissing

De Commissie van Beroep:

verklaart het beroep ongegrond;

bepaalt dat 50% van het door Utrecht betaalde bedrag als bedoeld in art. 3.2 van het Competitiereglement, aan Utrecht zal worden terugbetaald.

Aldus vastgesteld op 15 januari 2012 door A.A. Schuering, Th.M.M. van Beekom en E.M.M. Roosendaal, leden van de Commissie van Beroep, en namens de Commissie van Beroep ondertekend door A.A. Schuering