Voerendaal

Home / Voerendaal

Zaaknummer 1516-2

Beslissing van de Commissie van Beroep van de Koninklijke Nederlandse Schaakbond

 

1. Inleiding

Bij e-mail van 30 mei 2016 is Voerendaal in beroep gekomen tegen een beslissing van de competitieleider van 18 mei 2016. Bij de bestreden beslissing heeft de competitieleider Voerendaal een officiële waarschuwing gegeven omdat van de kant van Voerendaal aan de teamleider van RSC 't Pionneke telefonisch een onjuiste uitslag van de wedstrijd Voerendaal 2 - De Drie Torens is doorgegeven toen de wedstrijd WLC-RSC 't Pionneke nog aan de gang was.

Naast de bestreden beslissing van de competitieleider en het beroepschrift heeft de Commissie van Beroep kennis genomen van de volgende stukken:

  • een e-mail van Gerard Welling van 24 april 2016;
  • een verslag van de KNSB-competitiewedstrijd WLC-RSC 't Pionneke, te vinden op de website van RSC 't Pionneke;
  • een verslag van de KNSB-competitiewedstrijd Voerendaal 2- De Drie Torens, te vinden op de website van Voerendaal;
  • een reactie op het beroepschrift van Ivan Utama, teamleider van RSC 't Pionneke, bij e-mail van 30 mei 2016.

 

2. De feiten

De Commissie van Beroep gaat van de volgende feiten uit. Op 23 april 2016 vonden in de klasse 3H van de KNSB-competitie onder meer de wedstrijden Voerendaal 2 - De Drie Torens en WLC- RSC 't Pionneke plaats. Voorafgaand aan deze wedstrijden hadden Voerendaal 2 en RSC 't Pionneke nog kampioenskansen. De wedstrijd Voerendaal 2 - De Drie Torens is geëindigd in 5,5-2,5. Nadat deze wedstrijd was afgelopen, heeft Erik Jan Morren namens Voerendaal gebeld naar Ivan Utama, teamleider van RSC 't Pionneke, en geïnformeerd naar de stand in de wedstrijd WLC 't Pionneke. Op dat moment was de tussenstand 3,5-2,5 in het voordeel van RSC 't Pionneke. Dit heeft Ivan Utama ook aan Erik Jan Morren meegedeeld. Vervolgens heeft Ivan Utama geïnformeerd naar de stand in de wedstrijd Voerendaal 2 - De Drie Torens. Op een gegeven moment heeft Erik Jan Morren aan Ivan Utama in strijd met de waarheid meegedeeld dat deze wedstijd geëindigd was in 7-1 in het voordeel Van Voerendaal 2. De wedstrijd WLC - RSC 't Pionneke is geëindigd in 3,5 - 4.5 in het voordeel van RSC 't Pionneke. Daarmee was Voerendaal 2 kampioen. Als RSC 't Pionneke met 5-3 gewonnen zou hebben, zou RSC 't Pionneke kampioen zijn geweest.

 

3. Het beroep

Voerendaal maakt bezwaar tegen de officiële waarschuwing. Volgens Voerendaal klopt een aantal zaken niet en ontbreekt de context bij de "7-1 uitspraak". Verder stelt Voerendaal dat het nooit haar intentie is geweest om de uitslag van de wedstrijd WLC-RSC't Pionneke te beïnvloeden en wijst zij erop dat het ook niet zo staat beschreven op haar website.

 

4. De motivering

4.1 Naar het oordeel van de Commissie van Beroep geeft artikel 2.1 van het KNSB-competitiereglement aan de competitieleider de bevoegdheid om bij onsportief gedrag een officiële waarschuwing te geven.

4.2 Als tijdens een wedstrijd geïnformeerd wordt naar een uitslag of stand, kan men op twee manieren reageren: men geeft de juiste uitslag of stand of men zegt dat men de juiste uitslag of stand niet wil geven. Het geven van een onjuiste stand of uitslag acht de Commissie van Beroep met de competitieleider zeer onsportief.

4.3 Voerendaal stelt dat het nooit de bedoeling is geweest om de uitslag van de wedstrijd WLC-RSC 't Pionneke te beïnvloeden. De Commissie van Beroep acht inderdaad niet bewezen dat bij Erik Jan Morren de bedoeling had om de wedstrijd te beïnvloeden, maar dat beïnvloeding van de wedstrijd WLC-RSC 't Pionneke het gevolg zou kunnen zijn van het geven van een onjuiste uitslag was voorzienbaar en had Erik Jan Morren moeten beseffen. 

4.4 In het beroepschrift wordt gesteld dat toen Ivan Utama vroeg naar de uitslag van de wedstrijd van Voerendaal 2, Erik Jan Morren eerst geantwoord heeft dat Voerendaal 2 in ieder geval met meer dan 5 heeft gewonnen. Verder staat in het beroepschrift dat Ivan Utama vaker gevraagd/gevist heeft naar de uitslag, dat Erik Jan minimaal een keer  "meer dan 5" herhaald heeft en uiteindelijk "7-1" gezegd heeft.
Naar het oordeel van de Commissie van Beroep vormt het feit dat Ivan Utama meerdere keren naar de uitslag gevraagd heeft, geen excuus om een onjuiste uitslag door te geven.
De stelling in het beroepschrift dat Ivan Utama door meerdere malen te vragen naar de juiste uitslag de foutieve uitspraak zou hebben uitgelokt, is volgens de Commissie van Beroep onzinnig.

4.5 Voerendaal voert aan dat de competitieleider met niemand van Voerendaal contact heeft opgenomen alvorens zijn beslissing te nemen.
In beginsel behoort een competitieleider tevoren met een vereniging contact op te nemen alvorens aan de vereniging een sanctie uit delen. In dit geval had de competitieleider al een standpunt van Voerendaal dat gepubliceerd was op de officiële website van de vereniging. In het beroepschrift wordt ook niet aangevoerd dat de inhoud van het verslag op de website onjuist zou zijn. Voerendaal is dan ook niet benadeeld door het feit dat de competitieleider alvorens een waarschuwing te geven niet met Voerendaal contact heeft opgenomen.

4.6 De competitieleider dreigt bij herhaling van onsportief gedrag een zwaardere straf uit te delen, analoog aan artikel 12.9 van de FIDE-regels en artikel 31 van het KNSB-competitiereglement. Artikel 31 van het KNSB-competitiereglement gaat echter alleen over de wedstrijdleider en niet over de competitieleider. Als de competitieleider bij herhaling van onsportief gedrag een zwaardere sanctie wil opleggen, zal hij dat moeten baseren op artikel 20.3 van het KNSB-competitiereglement en niet op artikel 31.

4.7 De Commissie van Beroep vindt een officiële waarschuwing een redelijke sanctie in dit geval. De Commissie van Beroep zal daarom het beroep ongegrond verklaren.

4.8 Aangezien de motivering van het beroepschrift weinig steekhoudend is, acht de Commissie van Beroep geen termen aanwezig om te bepalen dat 50%  van de door Voerendaal betaalde cautie wordt terugbetaald.

 

5. De beslissing

De Commissie van Beroep:

verklaart het beroep ongegrond.

bepaalt dat niet 50% van de door Voerendaal betaalde cautie wordt terugbetaald.

Aldus vastgesteld op 20 juni 2016 door A.A. Schuering, Th.M.M. van Beekum en E.M.M. Roosendaal, leden van de Commissie van Beroep, en namens de Commissie van Beroep ondertekend door A.A. Schuering